Fiat Tipo nu ook als 5 deurs en SW

Na de meer op Zuid- en Oost-Europese markten afgestemde Tipo sedan lanceert Fiat nu de modellen waar ‘wij’ op zaten te wachten: de vijfdeurs hatchback en de SW. Tijdens testritten in de Piemonte streek rondom Turijn werd rap duidelijk dat ze beter zijn afgewerkt, iets geraffineerder rijden en ook nog hightech snufjes aan boord hebben.

Eerste indruk: ze zien er verrassend goed uit. Ook vanbinnen trouwens. Het duo is meer op onze verwende West-Europese smaak afgestemd. Technisch is de basis vrijwel identiek, maar aan alles merk je dat de opgeschroefde aan dacht voor details. Er is een nieuw dashboard ontwikkeld: strakker en met zachte materialen aan de bovenzijde. Daar staat in luxere versies een compleet nieuw 7 inch beeldscherm op, als navi- en infotainmentsysteem. Met internetmogelijkheden en de mogelijkheid om Android- en Apple telefoons in het systeem te koppelen. Alles made by TomTom.

Vooral de ruimte in deze auto's is een troefkaart. De twintig centimeter langere SW heeft een enorme bagagebak met variabele vloerhoogte, de gezinsautoformaat hatchback (437 centimeter) scoort nog altijd een kloeke 440 liter. Zie je zelden. Hij heeft ook twee uitneembare zijschotjes achterin, zodat een ingeklapte kinderwegen of pakweg een set golfstokken er dwars in past. Slim gevonden.

Dat veelzijdige karakter wordt in beide auto's doorgetrokken in het interieur. De zitmeubels zijn niet super, maar heel redelijk en stuur en stoel voorin meervoudig instelbaar. Wat vooral opvalt is de grote hoofd- en beenruimte voor- en achterin. Wederom: er zijn er weinig die het in het  C-Klasse middensegment nadoen

De eerste rijindrukken maken duidelijk dat het bij de SW vooral om veelzijdigheid draait. Hij is opvallend zacht geveerd, heeft lange veerwegen en is met zijn twintig centimeter opgerekte achterkant zeker geen liefhebber van al te wilde acties. Toegegeven, zelfs wanneer de lange Fiat begint de schuiven, blijft het allemaal aardig goedmoedig.

De vijfdeurs is andere koek. Deze carrosserievariant kan het beste meekomen tussen gerenommeerde hitnummers in de markt. De Tipo ziet er als gezegd goed uit en treft de beste balans in zijn onderstel. Helemaal op pakweg Duits niveau is het allemaal niet, maar je boendert toch aardig vlot – en op den duur zelfs driftend met jubelende banden - over de slingerende wegen door de heuvels van Piemonte.

De besturing voelt beter en directer aan dan in de sedan, maar iets meer gevoel mag er nog wel in komen. Ook vering en demping zijn kennelijk onder de loep genomen. Op lange golvende oneffenheden veert hij mooi soepel, maar korte 'slagen' van beschadigd wegdek en pakweg putdeksels zijn absoluut niet zijn hobby. Dat komt als een harde tik door. Hoe goed zou hij op serieuze merkbanden kunne zijn? Dan ben je misschien gelijk wat bandengeruis kwijt, want dat overheerst gek genoeg in een verder aardig rustige auto.

Motorisch? De instapper wordt de 95 pk 1.4 liter benzinemotor met de standaard zesbak. De 1.4 T-Jet Turbo met 120 pk is in elk geval een mooi stille en gespierde pretletter en – interessant voor ons wellicht – die komt er ook in een LPG bifuel versie. De dieselbasis wordt de 1.3 met 95 pk. De dikste versie is de 1.6 Multijet II en gek genoeg lijkt dát juist Neerlands hoop in bange dagen, want er komt een 89 gram CO2 Ecoversie van. Lees: 'slechts' dik drie mille BPM. Prijzen zijn er nog niet, maar de milieubelasting is in ons land een Achilleshiel voor een no nonsens auto als de Tipo. De spaarversie kon weleens een heel aardig geprijsde en dik gemotoriseerde business edition opleveren. Onder de 20 mille?